De geschiedenis van Linschoten: 

 Linschoten.nu home

Er bestaat een uitgebreide geschiedschrijving van het dorp Linschoten, gelegen tussen Woerden en Montfoort, nu behorende tot de gemeente Montfoort. In 1968 verschijnt er voor het eerst een boekje over de geschiedenis van Linschoten, "Langs de Linschoten". In 1974 wordt dit boek opgevolgd door het boekje "Monumenten te Linschoten. In 1978 brengt Linschotenaar E.E. de Voo een boekje uit waarin de natuur rond Linschoten beschreven wordt, "Vergeet het polderland niet". In de boeken ‘ ‘Sprokkelingen uit de geschiedenis van Linschoten en Snelrewaard’ wordt diep ingegaan op de ontstaansgeschiedenis van het dorp. In drie delen wordt vervolgens de gehele geschiedenis van Linschoten doorgenomen. Deel 1 en 2 komen uit in 1978, deel drie komt uit in 1988.  De boeken zijn rijk voorzien van illustraties en foto’s. Verder is er het boekje: "Linschoten in Beeld" uit 1981. Een fotoboekje samengesteld door oud Linschotenaar Joop Hoogendoorn, met zeer oude foto’s van Linschoten en omgeving. In 1992 ligt het boekje "Montfoort geschiedenis en architectuur" in de boekhandel met daarin uiteraard ook aandacht voor Linschoten dat dan inmiddels tot de gemeente Montfoort behoord. In 1994 verschijnt het boek "Landgoed Linschoten" samengesteld door de heer Wessel Reinink uit Linschoten, woonachtig op het landgoed Linschoten. Hierin wordt zeer gedetailleerd de ontstaansgeschiedenis van Linschoten en omgeving beschreven met daarin de rol van het landgoed Linschoten en haar bewoners. Een bijzonder fraai boek! In 2001 verschijnt het "dagboek voor New York" van Maarten Reinink. Student Maarten Reinink onderhoud in de oorlogsjaren een correspondentie met een jeugdvriendin in New York. Reinink zit tijdens de oorlogsjaren ondergedoken in het jachthuis te Linschoten. Hij beschrijft onder ander de bombardementen op rijksweg 12 en het bevrijdingsfeest op het dorp. In 2004 brengt Kamerikker Jan van Es het boekje "Limes en Linies" uit. Het boek gaat over twintig eeuwen verdedigingswerken tussen de oude rijn en de Hollandse IJssel. Hierin wordt onder andere de Linschotense verdedigingsschans beschreven. Ook in 2004 brengt amateur historicus Freek Schlingmann het boek "Adel en Afscheiding" uit. Het boek gaat over de scheuring in de Protestants Christelijk kerk in Nederland tussen 1813 en 1840. Een centrale rol in dit boek spelen de Linschotenaren Johannes Gersie en Sijmen Niermeyer. Schlingmann is zelf afstammeling van één van de Duitse Hollandgängers die in Linschoten terecht kwamen.        

 

Hieronder zal worden geprobeerd om in het kort de geschiedenis van het dorp Linschoten te beschrijven, waarbij veelvuldig zal worden geciteerd en of zal worden teruggegrepen naar passages uit de bovengenoemde boeken  Met links naar illustraties en foto’s van Linschoten vroeger en nu om de geschiedenis en het Linschoten van nu in beeld te brengen.

 

 LINSCHOTEN

 

De vroege geschiedenis

Rond het begin van onze jaartelling stroomde het meeste water van de Rijn in Noordwestelijke richting, ongeveer vanaf Tiel, via de lijn Culemborg-Vianen-Montfoort-Woerden, en noordelijk uitmondend in het IJsselmeer. Het stuk tussen Montfoort en Woerden wordt door bodemonderzoeker Dr. Vink zo rond 1920  'Linschotenstroom' genoemd. De 'Linschotenstroom' bracht veel rivierklei en zandafzettingen over het veenpakket aan. Vooral bij hoge vloeden in de toenmalige Waddenzee, stuwde het water van de rivieren soms enorm op, waardoor het bezinkingsgebied zich tussen Montfoort en Linschoten over wel anderhalve kilometer breedte ter weerszijde van de oever aan de Linschotenstroom uitstrekte. Grondonderzoek heeft aangetoond, dat de kern van het huidige Linschoten aan de rand van de kleirug ligt. Linschoten is oud. Toen de Linschotenstroom door bodemdalingen in Zuid-West-Nederland steeds minder water kreeg, verlandde ze en een vruchtbaar gebied voor landbouw, veeteelt en fruitteelt lag open. Het riviertje De Linschoten heeft historisch gezien weinig te maken met de 'Linschotenstroom'. Het is een later ontstane afwatering van de (toen nog) hoger gelegen veengronden. Door de fraaie meander in de huidige Linschoten kreeg het dorp Linschoten zijn ronde karakter. De oude dorpskerk (Grote of St. Janskerk geheten) is het oudst bekende gebouw, waarvan de oorspronkelijke kapel heeft behoord aan het kasteel Linschoten. Door latere grondzettingen, als gevolg van inklinking van het veenpakket door ontwatering, is de grond onder kerk en toren wellicht ongelijkmatig verzakt, waardoor de kerk zo scheef is komen te staan.

Onbekend is of de naam Linschoten eerst aan het riviertje of aan het dorp gegeven werd. De naam Linschoten zou afgeleid zijn van "lindeschot" hetgeen vroeger dienst deed als afscheiding van  lindehout om verschillende stukken wei - of bouwland af te bakenen. Een andere mogelijkheid van de oorsprong ligt in de naam "Lindescote" of "Lintscote". Linde schijnt in het oosten een aanduiding voor watertje of beekje te zijn terwijl cote een aanduiding van een klein boerderijtje is. De stichtingsdatum van Linschoten is niet bekend. Voor het eerst wordt er daadwerkelijk over Linschoten gesproken rond het jaar 1200. Onduidelijk blijft wanneer er voor het eerst echt sprake was van het riviertje de Linschoten of het dorp Linschoten. Aannemelijk mag worden geacht dat het riviertje als eerste de naam Linschoten kreeg. 

Uit persoonlijk onderzoek in de archieven van Utrecht, Gouda en Woerden kwamen de volgende feiten naar voren: 

Bron:  Oorkondenboek van het Sticht Utrecht (Utrechts Archief):  

         Ook later blijft de Linschoten een rol spelen voor de waterafvoer en licht verkeer

De vruchtbare kleigronden van Linschoten waren al zeer vroeg permanent bewoond. Gegevens wijzen er op, dat er ca. 900 na Chr. reeds permanente bewoning is geweest in de polder Schagen en den Engh. In de middeleeuwen vonden de grote ontginningen plaats, waarbij de woeste veengronden in de omgeving geschikt werden gemaakt voor landbouw. Al vroeg in de geschiedenis duiken ook de bekende namen uit Linschoten en omgeving op, zoals de polders, Cromwijk, Polanen, IJsselveld, Rappijnen, Mastwijk, Kattenbroek, Den Engh. 

Ook ontstonden rond die tijd de vier “kastelen” die Linschoten eens rijk was. 

kasteel Linschoten, niet te verwarren met het Huis te Linschoten, (Gestaan hebbende ongeveer op de plaats waar nu het huis van zuivelhandel Herman Kasius staat,  Vaartkade NZ 21)  werd tussen 1131 en 1172 gebouwd en had een ronde vorm. In 1270 wordt het door heer Zweder van Zuilen in leen gegeven aan Willem van Linschoten. Het kasteel is tussen 1386 en 1438 verwoest. Bekent is alleen dat het in 1438 al een ruïne is, want burggraaf Johan II van Montfoort krijgt toestemming om de stenen van het kasteel af te voeren naar Montfoort

Van het Kasteel Wulverhorst is vrijwel niets bekend. Het heeft bij Polanen gestaan, de boerderij heeft nog steeds die naam. Het enige wat over Wulverhorst te vinden is stamt uit omstreeks 1450, de volgende huwelijken worden hier vermeld:

Cunegonda van Bronckhorst, huwt (huw. voorw. 29-9-1422) Jan III van Montfoort, burggraaf van Montfoort, heer van Linschoten, Purmerend, Wulverhorst, Snelrewaard, Hekendorp en Polsbroek, tresorier van Holland en Zeeland 1417, raad en kamerheer van de dauphin van Frankrijk 1415, raad en kamerling van de hertog van Bourgondie 1441, overl. 16-1-1448. 

Hendrik IV van Montfoort, burggraaf van Montfoort, heer van Purmerend, Linschoten, Hekensdorp en Wulverhorst, dijkgraaf van Lopikkerwaard 1449, baljuw van Woerden, baljuw van Rijnland, raad en kamerling van de hertog van Bourgondie, in de ban gedaan 1448, overl. ca. 1459, huwt 1432 Margaretha van Croy. 

Johanna van Montfoort, huwt 1e (huw. voorw. 7-2-1475) Johan van Nijenrode, huwt 2e 1480 Johan van Goor, heer van Heel bij Roermond en de Weyer, gegoed te Wulvenhorst, Willescop, Achthoven en Blockland. 

Huis te Nesse, (Gestaan hebbende in de buurt van de Graafbrug) werd jarenlang bewoond door de Heren te Nesse. In 1614 werd het geërfd door Agneta van der Nath-Duyvenlant. Omstreeks 1740 begon de veepest te woeden waardoor de boeren hun pacht niet meer konden betalen, het kasteel kon niet meer worden onderhouden en Graaf Leonard gaf in 1747 het kasteel aan de staten van Holland. na de dood van deze graaf in 1756 werd Huis te Nesse afgebroken. 

Heulestijn werd gebouwd rond 1320.(Gestaan hebbende op de plaats waar nu de boerderij Heulestijn staat tussen Linschoten en Montfoort, M.A Reinaldaweg 81) Van de Graaf van holland verkreeg Roelof de Rover van Montfoort, ( broer van Burgraaf Zweden1 van Montfoort),  op 6 mei van het jaar 1320, drie morgen land gelegen onder Linschoten, geheten "Het Heuland". (Waarschijnlijk genoemd naar de oorspronkelijke eigenaresse Janne van Heulen). Voorwaarde was wel dat hij er drie morgen land bijkocht om er een stenen huis op te bouwen. Op 26 november 1418 wordt er begonnen met het slopen van het huis Heulestein. In het jaar 1659 wordt op de fundamenten van het oude huis een nieuw huis gebouwd. Een bewijs daarvan is een ingemetselde omlijsting van een deuropening in eikenhout met daarop "anno 1659"      

Van de genoemde “versterkte huizen” is niets bewaard gebleven. 

In 1647 liet Johan Strick van Linschoten het Huis te Linschoten bouwen. De familie Strick vergaarde in de loop der tijd de heerlijke rechten van Linschoten e.o. en was hierdoor nauw betrokken bij het plaatselijk bestuur. In zekere zin werd hier de basis gelegd voor het ontstaan van de latere gemeente Linschoten. Het fraaie landgoed werd in 1891verkocht aan de familie Ribbius Peletier, en is thans beschermd natuurgebied. Het Huis te Linschoten bestaat nog steeds en is na een grondige restauratie nog altijd het aanzien waard.

Over de stichting van het dorp Linschoten is niets bekend.  Het dorp Linschoten komt pas in 1226 voor het eerst ter sprake. Tijdens de Hoekse en Kabeljauwse twisten had het dorp veel te lijden omdat Linschoten precies op de scheiding van het Bisdom Utrecht en het Graafschap Holland ligt. In het jaar 1482 wordt een groep soldaten van ’t Montfoortse volk uit Oudewater verdreven. Zij nemen hun toevlucht in de kerk van Linschoten. Welke om die reden in brand wordt gestoken. Maar naderhand weer is opgebouwd. In 1580 richten “schout, kerkmeester en de gemeente Lintschoten” een verzoekschrift aan de ambachtsheer van Linschoten te Utrecht voor het aanstellen van een nieuwe geestelijke. Een eerste prent van Linschoten verscheen rond 1657.  Het betreft een tekening van L.P. Serrurier.

 

Een bezoeker aan Linschoten omstreeks 1750 tekent aan: “De landeryen van deeze heerlykheid bestaan meest en voornamelyk in Weydeland, Henniplanden, Boomgaarden, Koornakkers en eenige Griendlanden, en doet alle inwoners daarvan een goed bestaan hebben. Men telt in, en om dit dorp Linschoten 54 huysen van welk 24 tot de bouwerye van de dingen hier gebruykt, ten minsten op 270 inwoonders moogen gerekend worden”.          

 

Op het bestuurlijk vlak zwaaiden de burggraven van Montfoort lange tijd de scepter. 
Het jaar 1795 bracht in Nederland grote veranderingen. Revolutionairen brachten de Republiek der Verenigde Nederlanden ten val. Er vond een bestuurlijke omwenteling plaats in heel Nederland. Ook in Linschoten gebeurde dit. Het bestuur zetelde destijds in het "Rechthuis" of "Rechtkamer" in de herberg nabij de brug.(Het Wapen van Linschoten en Snelrewaard dus). Na de omwenteling kwam er een door de burgers gekozen bestuur. Het is en roerige tijd in het dorp met veel voor en tegenstanders van het nieuwe bewind. De rust keert pas terug rond de eeuwwisseling. In 1800 bestaat Linschoten uit de volgende 8 agglomeraties (gerechten): Linschoten en Mastwijk; Kattenbroek en de uiterdijken van Mastwijk; Schagen en den Engh;  Polanen; Wulverhorst, Kromwijk en Linschoter Haar; Vlooswijk en Vlooswijk in Kromwijk; Heeswijk; Achthoven.  Het oudste bewonersregister stamt uit 1840.  In dat jaar telde Linschoten 108 huizen ten behoeve van 169 gezinnen en ruim 800 inwoners. Door natuurlijke groei steeg dit aantal gestaagd. Door de toevoeging van Wulverhorst en Achthoven in 1857 werd Linschoten een zeer uitgerekt dorp.

Na het vertrek van de Fransen en het herstel van de onafhankelijkheid in Nederland in 1813, legden de grondwetten van 1814 de grondslag voor een nieuwe zelfstandige gemeente. Op 1 januari 1818 werden: Linschoten, Mastwijk, Polanen, Kattenbroek en de uiterdijken van Mastwijk, Schagen en den Engh definitief gevormd tot de gemeente Linschoten. Wulverhorst,  Vlooswijk en Vlooswijk in Kromwijk en Linschoter Haar gingen een combinatie aan onder de naam Wulverhorst. Heeswijk en Achthoven gingen samen onder de gemeentenaam Achthoven. In 1857 worden ook laatstgenoemden bij de gemeente Linschoten gevoegd. In dat jaar wordt het officiële wapen van Linschoten ingevoerd.

In 1877 held de toren van Linschoten zo ver over dat er drastische maatregelen nodig zijn. Besloten wordt om de toren met 7 meter in te korten. Op 11 maart 1887 wordt tijdens een raadsvergadering een plan besproken voor het aanleggen van een lokale spoorlijn Woerden-IJsselstijn over Linschoten en Montfoort. Op 19 april van dat jaar wordt besloten af te wachten wat Montfoort en IJsselstijn zullen besluiten. Naar de bescheiden mening van de burgemeester is een spoorweg voor Linschoten "van weinig belang". Het verbouwen ofwel nieuwbouw van een ambtswoning voor de burgemeester had meer voeten in de aarde. Uiteindelijk werd op 10 maart 1919 het nieuwe raadshuis annex ambtswoning in gebruik genomen. Rond 1907 werd Linschoten aangesloten op het telefoonnet. Gereformeerd onderwijs werd in 1914 ingevoerd. De Timotheüsschool startte met ruim 40 kinderen. Het openbaar onderwijs wat er tot dan toe gegeven werd liep zienderogen terug en werd in 1938 opgeheven. Het dorp werd in 1921 aangesloten op het elektriciteitsnet. In 1925 volgde aansluiting op het waterleidingnet. Eind jaren 30 begin 40 wordt rijksweg 12 aangelegd.

De 20e eeuw

Linschoten en Snelrewaard zijn samengegaan. Het dorp komt ongeschonden de 2e wereldoorlog door. Als een van de weinige gemeenten in Nederland krijgt Linschoten een eigen informatieblad. Het eerste nummer van “doen te weten” verscheen in 1954. Op 1 januari 1956 telt Linschoten 2406 inwoners. Het aantal woningzoekenden in het dorp stijgt snel, dit leidt tot de eerste echte nieuwbouw in Linschoten. De bebouwing van de “Hoge Werf” wordt in 1953 gerealiseerd. Nog is deze uitbreiding niet voldoende en in 1958 wordt gestart met de bouw van de eerste 12 woningen aan de Strick van Linschotenstraat. Door de provincie Utrecht wordt de M.A.Reinaldaweg rond Linschoten aangelegd. Deze wordt voltooid in 1962 en vormt een belangrijk deel van de verbinding Amsterdam-Breda. In 1962 telt Linschoten ongeveer 2600 inwoners. Waar het uitbreidingsplan “Lage Polder” (in de volksmond ‘De Strick’) uiteindelijk wordt aangesloten wordt op de oude dorpskern wordt een gloednieuwe brandweerkazerne gebouwd, opening 1963. Linschoten krijgt in 1965 weer openbaar onderwijs. In een houten gebouw aan de nieuwe zandweg start de “Prins Clausschool” zijn activiteiten. In 1969 keurt Gedeputeerde Staten het bestemmingsplan Rapijnen goed. Op 21 oktober 1971 wordt de eerste paal geslagen voor de 389 woningen die hier worden gerealiseerd.. Op 30 november van dat jaar verhuist het openbaar onderwijs naar een gloednieuw gebouw. Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Claus komt persoonlijk de nieuwe school openen (Dinsdag 1december 1970). In het bestemmingsplan “Kasteel” verreist een prachtige sporthal en multifunctionele ruimten (1972). De sportvelden aan het eind van de beide Vlooswijkenlaan zijn eind september 1974 speelklaar. Van 1972 tot 1975 groeit Linschoten van 5000 naar 6000 inwoners. 

LINSCHOTEN-JOHANNESBURG.

Van 1847 tot 1868 was de heer Gerrit Hendrik Rissink huisarts te Linschoten. In 1872 verhuist het gezin Rissink naar Pretoria in Zuid Afrika, waar hij onder meer wordt belast met de zorg voor het lichamelijk welzijn van President Paul, Kruger. Rissink overlijd in 1877 waarna zijn vrouw terugkeert naar Nederland. Zijn drie zonen blijven wel in Zuid Afrika. De in Linschoten geboren zoon Johan F.B. Rissink is landmeter en wordt in 1886 samen met een CHR. John Joubert naar een plaats gestuurd waar goud is gevonden. Met President Kruger wordt afgesproken de plaats Johannesburg te dopen omdat zowel Rissink als Joubert de naam Johannes dragen. De tweede naam van Paul Kruger is ook Johannes dus deze stemt hiermee snel in. De reis van burgemeester de Geus naar Johannsburg, naar aanleiding van het 90 jarig bestaan van de stad, doet veel stof opwaaien in Linschoten.  

 

De laatste 30 jaar.

Veel gebouwen in de dorpskern en ook enkele daarbuiten worden onder monumentenzorg geplaatst. De gehele dorpskern wordt beschermd dorpsgezicht. In 1977 wordt het plan Rapijnen 1 voltooid en ziet plan Rapijnen II het levenslicht. In 1980 wordt gestart met de bouw va de huizen. Inmiddels is het bouwterrein ontsloten door een brug over de Voorvliet. De op stapel zijnde herindeling van diverse gemeenten zorgt voor veel onrust in het dorp. Linschoten blijft vooralsnog een zelfstandige gemeente. Kon men vroeger langs de Montfoortse Vaart naar Cattenbroek fietsen. Door de nieuwbouw werd deze mogelijkheid afgesloten. Uiteindelijk komt het “Weidepad” als fietspadverbinding tussen Linschoten en de Cattenbroekerdijk te liggen. Op 6 april 1981 wordt de eerste paal voor het plan Rapijnen II geslagen, de nieuwe wijk gaat Overvliet heten. De inburgering van inwoners van buitenlandse komaf verloopt in Linschoten geruisloos.  In 1983 maken verschillende Linschotense ondernemers bezwaar tegen de bouw van supermarkt de Golff tegenover het Dorpshuis. Ze vrezen “ de dood van de Dorpsstraat”. Hoewel de supermarkt voor de Linschotense gemeenschap een bijna onmisbare factor is geworden blijkt anno 2003 hoe een vooruitziende blik deze twaalf ondernemers hadden. In de loop der jaren verdwenen vele winkels uit de dorpsstraat. In 1988 wordt door wethouder Vendrig de eerste steen gelegd voor de nieuw te bouwen sporthal “De Vaart”. In 1989 is ook Linschoten aan de beurt voor herindeling. Zij wordt toegevoegd aan de gemeente Montfoort. Zo houd Linschoten op te bestaan als zelfstandige gemeente. Onder het gezag van Montfoort blijft Linschoten gestaagd groeien.

De jaren negentig zijn een rustige periode in de geschiedenis van Linschoten. Op bestuurlijk niveau ligt de nadruk duidelijk bij Montfoort. het dorp kent een zeer florerend verenigingsleven. Een prima omgeving om te leven en om kinderen te laten opgroeien. Ook de steeds groter wordende van buitenlandse afkomstige gemeenschap voelt zich thuis in het kleine dorp. De intergrering heeft vrijwel nooit voor problemen gezorgd.

Hoewel de dorpskern niet of nauwelijks is veranderd is voor veel oud Linschotenaren het “dorpsgevoel” verdwenen. De oude dorpskern ontkomt ook niet aan de autodrukte. De ‘ontsierende’ factor van de auto’s is vooral in zo’n nauw straatje als de dorpsstraat groot. Linschoten is een prima forensenplaats geworden. Met de auto zit men in twee minuten op de A12 om het hele land te bestrijken. Het Linschoter bos met daarin gelegen het Huis te Linschoten is voor wandelaars een aantrekkelijk gebied en trekt vooral op zondag zeer veel mensen. In de jaren 90 wordt de laatste fase van plan Overvliet  voltooid. Een redelijk aantal kleine ondernemers vind in Linschoten een prima standplaats en bied veel werkgelegenheid aan de inwoners. De eeuwwisseling wordt gevierd zoals overal ter wereld en de invoering van de Euro is voor de meeste Linschotenaren geen probleem. De bouwplannen voor het plan Voorvliet stuiten op veel weerstand. Iedereen begrijpt dat aan de woonbehoeften van de jonge Linschotenaren moet worden voldaan. Maar bouwen in het laatste stukje groen in de dorpskern zorgt bij veel inwoners voor veel onrust. Uiteindelijk blijken alle protesten voor niets. De bouwplannen zijn anno 2005 in een beslissende fase.

 

Voor diegene die nog nooit een bezoek hebben gebracht aan het mooie dorpje Linschoten geef ik als advies: ondanks alle moderniseringen zijn er in Linschoten nog veel historische kenmerken bewaard gebleven. Het dorp bekijken en een wandeling te maken naar het Linschoter bos blijft de moeite waard. Er is zelfs een mogelijkheid om onder begeleiding van gidsen een rondleiding door het dorp te krijgen. Linschoten is gelukkig meegegaan in de vaart des tijds maar heeft dus ook nog iets van het verleden behouden.

Op de fotopagina's die bij deze site horen kan men de ontwikkeling van het dorp aardig volgen. Bekijk hoe een gehucht uitgroeit tot een dorp. 

Linschoten.nu home